Grotere weerbaarheid meer dan wenselijk

" Een christen hoeft niet weg te lopen. Hij moet niet aarzelen het publiek debat aan te gaan. Hij heeft immers enorm veel te bieden." Zo kan het colloquium worden samengevat dat op zaterdag 14 april te Leuven plaatsvond rond het thema " Christelijke identiteit in de Europese samenleving ". Meer dan 50 deelnemers waren naar de prachtig gerenoveerde Celestijnenhoeve afgezakt om er te luisteren naar Mia Doornaert, Mgr. Roger Vangheluwe en Marina Robben.

Het Opus Dei in België

"Laten we ons niets wijs maken. In ons land is voor christenen echt geen heldenmoed vereist om voor onze opinie te durven uitkomen en die te laten weerklinken. Toch kan ik me niet van de indruk ontdoen dat een grotere weerbaarheid meer dan wenselijk is ", verklaarde Mia Doornaert, journaliste bij De Standaard en gewezen voorzitster van de Algemene Vereniging van Beroepsjournalisten van België en van de Internationale Federatie van Journalisten. Het publiek kon vaststellen hoe zij niet licht geneigd is een blad voor de mond te nemen. " Wij staren met gefixeerde blik naar de onophoudelijk herhaalde negatieve punten, alsof het christelijk gedachtengoed terecht in het verdomhoekje thuishoort. Het is onmiskenbaar goed en voorbeeldig dat Johannes Paulus II verontschuldigingen heeft aangeboden, maar waar blijven de excuses van de andere kant ? "

" Waar blijft de wederkerigheid ? ", vroeg de spreekster zich luidop af. " Soms lijkt het wel eerder op een algehele capitulatie dan op een werkelijke dialoog. " Zij vond het ook vreemd dat de kelen, die nog niet zo lang geleden luid uitriepen dat godsdienst opium is voor het volk, nu blijkbaar zijn verstomd. " Nochtans gold die uitspraak toch voor alle godsdiensten… ? "

" Zo slecht vertoeven moet het in onze westerse maatschappij met haar christelijke ‘software’ toch niet zijn, als zovele mensenmassa’s aan onze buitengrenzen staan te drummen. Dat zie ik niet gebeuren bij tal van andere, niet nader te noemen, landen. "

Vervolgens legde Doornaert de vinger op een ander pijnpunt, waarvoor de behoefte aan ingrijpende oplossingen zich opdringt. " Er is een hyaat opgetreden in de overdracht van geloof en waarden. Thuis zitten de kinderen nog nauwelijks met hun ouders samen aan tafel, zodat er bijna geen gelegenheid is voor rustige en vertrouwelijke gesprekken. Niet zelden zijn het nu de kinderen die het geloof thuis ter sprake brengen. De motor van de schoolcatechese sputtert ook al lang : het verhaal van ons rijke geloof, met zijn diepe inhoud, komt niet meer aan zijn trekken. Te snel struikelt de geloofsoverdracht bij de moraal, die eigenlijk moet voortvloeien uit de inhoudelijke schoonheid. "

" Geloof is ook niet te herleiden tot een loutere verhaals-kwestie. Daden zijn doorslaggevend", gaf de journaliste nog mee vanuit haar eigen levenservaring. " En deze daden, zonder welke het geloof dood is, hebben niet alleen een individualistische dimensie. Ook het kerkinstituut, als organisatie van de katholieke geloofsgemeenschap, moet behouden blijven. Vooraanstaande moslims benijden ons omdat zij geen ‘Vaticaan’ hebben, zodat het mogelijk wordt dat enkele radicale fracties de hele moslimwereld in hun greep kunnen houden. Dit betekent niet dat de Kerk gevrijwaard kan blijven van grote spanningen tussen enerzijds voorzichtig en gezagsmatig behoud van de overlevering én anderzijds hunkering naar soms revolutionaire vernieuwing van de beleving. "

Mgr. Roger Vangheluwe, bisschop van Brugge, had het in het tweede luik over " De christelijke identiteit in tijden van religieus pluralisme ". Hij wees erop dat de " beleving van de sacramenten, de aanbidding en Maria eveneens tot onze identiteit behoren, zodat het meer gepast is te spreken over ‘katholieke’ identiteit of over christelijke identiteit ‘beleefd als katholiek’ ".

Vervolgens richtte de bisschop de schijnwerpers meteen op de persoon van Christus door te stellen dat " een christen een volgeling van Christus tracht te zijn, dat Christus in het leven van een christen centraal dient te staan met als hoogtepunt het paasmysterie ". Met deze gedachte vertolkte de bisschop willens nillens zijn bisschopsleuze ‘Richt uw ogen op Christus’.

" Wat we in de periode 1850 - 1950 in Vlaanderen hebben meegemaakt ", ging hij voort, " is wel degelijk een grote uitzondering. Zo’n grote godsdienstige gelijkgezindheid is zeker niet de regel. Een context van religieus pluralisme is de normaliteit. Met twee risico’s. Ten eerste, de mensen verliezen hun zekerheidsgevoel : wie heeft nu wel gelijk ? Daarnaast is er de grotere neiging tot onverschilligheid : waarom nog langer een lastig geloof aanhangen en beleven als het ook makkelijker kan ? "

Nadenken over de identiteit als gelovige betekent voor Mgr. Vangheluwe in de eerste plaats een vraag naar de binnenkant : " Wat geloof ik ? Welke inzichten en houdingen vloeien voort uit mijn verbondenheid met Jezus ? ".

Vervolgens komt de veruitwendiging van de identiteit aan bod, de stap naar buiten. " Fundamenteel voor onze identiteit als katholiek is toch wel de verankering in de transcendentie. Wij beseffen maar al te goed de relativiteit van de meerderheid. Als wij het leven willen respecteren, dan is dat niet omdat de meerderheid deze opinie deelt, maar omdat wij er terecht van uitgaan dat God dit wil. Het gaat nog verder : de christelijke waarden zijn niet enkel waarden voor de christenen, maar voor alle mensen. Jezus heeft hierover gesproken namens de Vader. Die waarden komen met andere woorden van God. "

" Voorts moeten de persoonlijke en publieke moraal met mekaar verbonden blijven. Tegenwoordig is het publieke morele vingertje alom tegenwoordig, terwijl de persoonlijke moraal niet meer wordt ingevuld. Het is eigen aan de Kerk dat ze, waar nodig, een subversief kantje toont. Er gaat een grote kracht van uit, omdat zij op het persoonlijke geweten appeleert en niet lang in een keurslijf kan worden teruggedrongen. "

" In de maatschappij treedt de Kerk zichtbaar naar buiten als specialist in het vieren van het leven, bij het troosten van zieken, bij stervensbegeleiding, in onderwijs en algemene caritas. " Wat het onderwijs betreft, is het volgens Mgr. Vangheluwe begrijpelijk dat het de laatste decennia heeft ingeboet op het vlak van de geloofsoverdracht, omdat dit een rechtstreeks gevolg is van een tekort aan geloofsoverdragers in de scholen. Hij stelt wel vast dat er sinds kort terug een grotere openheid bestaat : leerlingen die zelf getuige zijn van iemand die een ‘beleefd’ geloof tracht door te geven, blijven niet onverschillig.

‘s Namiddags werd het colloquium afgerond met een praktische interactieve case-studie over opvoeding en gezin onder leiding van Marina Robben, voorzitster van de Internationale Federatie voor de Ontwikkeling van het Gezin (IFFD).

Het colloquium was dit jaar aan zijn tweede editie toe. Het is een initiatief van de vriendengroep Forum Arenberg rond het Leuvense studentenhuis Residentie Arenberg www.arenberg.cc , waar de godsdienstige vormingsactiviteiten worden verzorgd door de prelatuur van het Opus Dei.