Heb je niet dat brandend verlangen: dat iedereen van Hem gaat houden?

Hoe mooi is het gedrag van Johannes de Doper! Hoe zuiver, edel, hoe onbaatzuchtig! Hij bereidde werkelijk de weg van de Heer voor: zijn leerlingen kenden Christus alleen van horen zeggen, en hij zet hen in gesprek met de Meester. Hij zorgt dat ze Hem zien en met Hem omgaan, geeft ze kans om de wonderen te bewonderen die Hij verricht: blinden zien, lammen lopen, melaatsen worden gereinigd, doven horen, doden staan op, aan armen wordt het evangelie verkondigd. (Carta 4, nr. 22)

In die tijd kwam Jezus uit Galilea naar de Jordaan tot Johannes om zich door hem te laten dopen. (...) En een stem uit de hemel sprak: 'Dit is mijn Zoon, mijn veelgeliefde, in wie Ik welbehagen heb.' (Mt. 3,13-17)

Door het doopsel heeft God, onze Vader, bezit genomen van ons leven, het ingelijfd in het leven van Christus en ons de Heilige Geest gezonden. De kracht en de macht van God geven een nieuwe glans aan het aanschijn der aarde.

Wij zullen de wereld doen branden met het vuur dat U op aarde bent komen brengen! ... En het licht van uw waarheid, Jezus, zal het verstand van de mensen verlichten als een dag die niet eindigt.

Ik hoor U roepen, mijn Koning, met uw levende, nog klinkende stem: Vuur ben Ik op aarde komen brengen, en hoe verlang Ik dat het reeds oplaait! – En ik, met geheel mijn wezen, met mijn zintuigen en mijn vermogens, antwoord: Spreek, Heer, uw dienaar luistert!

Kind, heb je niet dat brandend verlangen om te bereiken dat iedereen van Hem gaat houden? (De Heilige Rozenkrans, supplement, 1e geheim van het licht)

Ontvang berichten per e-mail

email