Bericht van de prelaat (18 januari 2026)

De prelaat van het Opus Dei moedigt aan om de uitnodiging van de Heer te aanvaarden om de realiteit te beschouwen met een hoopvolle blik die niet teleurstelt

Mijn geliefde dochters en zonen, moge Jezus jullie behoeden!

Enkele dagen geleden kwam er een einde aan het Jubileumjaar van de hoop. Dankzij God zijn er het afgelopen jaar veel mensen geweest die door de Heilige Deur zijn gegaan en de uitnodiging van de Heer hebben aanvaard om de realiteit te beschouwen met een hoopvolle blik die niet teleurstelt. Zoals paus Leo XIV ons in herinnering bracht, heeft het jubileum ons geholpen opnieuw te ontdekken “dat we opnieuw kunnen beginnen; meer nog, dat we nog maar aan het begin staan, dat de Heer in ons midden wil groeien, dat Hij de God-met-ons wil zijn” (Homilie, 6 januari 2026). Christus wordt ons voortdurende beginnen en opnieuw beginnen nooit moe: laten we ook naar Hem toe gaan als we ons zwak voelen of beseffen dat we Hem hebben teleurgesteld, in het vertrouwen dat Hij ons altijd met open armen ontvangt.

Aan het begin van een nieuw jaar stelde de heilige Jozefmaria zijn kinderen eens het volgende motto voor: een nieuw jaar, een nieuwe strijd. De heiligheid, zo herinnerde onze stichter ons, ligt in “het besef dat wij gebreken hebben en heldhaftig moeten proberen ze te overwinnen”, maar zonder te vergeten dat “we met gebreken zullen sterven” (De Smidse, nr. 312). Laten we ons verlangen om te strijden hernieuwen, niet met de pretentie om ons leven in één klap te veranderen, maar door volhardend te zijn “in onze pogingen om elke dag een beetje hoger te komen (vgl. Christus komt langs, nr. 75). De hoop die we tijdens het jubileumjaar op de een of andere manier opnieuw hebben ontdekt en die we graag in ons leven willen laten doorwerken, is een gave die vraagt om te worden doorgegeven. De wereld heeft getuigen nodig van Gods trouwe en onvoorwaardelijke liefde. In het gewone leven kunnen we op een eenvoudige en toegankelijke manier anderen de vreugde overbrengen die voortkomt uit het besef dat de Heer ons altijd begeleidt.

Voordat ik afsluit, vraag ik jullie om speciaal te bidden voor twee werk- en vormingsbijeenkomsten die we in januari en februari in Rome zullen houden met de directeuren en directrices uit alle regio's, om de apostolische prioriteiten voor de komende jaren te stimuleren, op weg naar het honderdjarig bestaan van het Werk. Laten we bovendien blijven bidden voor de landen die nog steeds door oorlogen en conflicten worden geteisterd.

Met al mijn genegenheid zegen ik jullie,

jullie Vader

Fernando Ocáriz

Rome, 18 januari 2026