Wat is de Consecratie in de Mis?

“De heilige Mis is een oneindige goddelijke waanzin!”, zei de heilige Jozefmaria. De Eucharistische aanwezigheid van Christus begint wanneer de priester, “in persona Christi”, de consecratiewoorden uitspreekt over het brood en de wijn. Dit artikel is gewijd aan het hart van de Mis.

Wat is de Consecratie in de Mis?

Samenvatting

1. Wat is “consecratie” in de heilige Mis? Is dat hetzelfde als transsubstantiatie?

2. Waarom is de consecratie belangrijk?

3. Op welk moment van de Mis vindt het plaats?

4. Wie kan de consecratie uitvoeren?

5. Kan er buiten de Mis een Eucharistische Consecratie plaatsvinden?


1. Wat is “consecratie” in de heilige Mis? Is dat hetzelfde als transsubstantiatie?

“Consecratie” in de heilige Mis verwijst naar het centrale moment waarop het brood en de wijn, door de woorden van Christus uitgesproken door de priester en de aanroeping van de heilige Geest, het Lichaam en Bloed van Christus worden. “De Eucharistische tegenwoordigheid van Christus begint op het ogenblik van de consecratie en duurt zolang de Eucharistische gedaanten blijven bestaan.” (Catechismus van de Katholieke Kerk, nr. 1377). Trouw aan het gebod van de Heer blijft de Kerk, ter nagedachtenis aan Hem en tot aan zijn glorieuze terugkeer, doen wat Hij op de avond van zijn lijden heeft gedaan (vgl. Catechismus van de Katholieke Kerk, nr. 1333, Algemene Instructie voor het Romeins Missaal (GIRM), nr. 79d).

Door de consecratie wordt de transsubstantiatie van brood en wijn in het Lichaam en Bloed van Christus tot stand gebracht. Onder de geconsacreerde gedaanten van brood en wijn is Christus zelf, levend en verheerlijkt, op ware wijze, werkelijk en substantieel aanwezig, met zijn Lichaam, zijn Bloed, zijn ziel en zijn goddelijkheid (Catechismus van de Katholieke Kerk, 1413). De Kerk noemt deze verandering ‘transsubstantiatie’, zodat we terecht kunnen zeggen dat door de consecratie de transsubstantiatie van het brood en de wijn in het Lichaam en Bloed van Christus plaatsvindt.

Mediteren met de heilige Jozefmaria

Wat wij niet kunnen, kan God wel. Jezus Christus, volmaakt God en volmaakt mens, laat geen symbool achter, maar een werkelijkheid. Hij blijft. Hij zal naar de Vader gaan, maar Hij zal ook onder de mensen blijven. Hij geeft ons geen cadeau dat de herinnering aan Hem wakker houdt, geen afbeelding waarvan de contouren na verloop van tijd verbleken, of een foto die al snel vervaagt en vergeelt en die geen betekenis heeft voor iemand die niet aanwezig was. Hij is onder de gedaanten van brood en wijn werkelijk aanwezig, met zijn Lichaam, zijn Bloed, zijn Ziel en zijn Godheid. (Christus komt langs, nr. 83)

Quam oblationem, gewaardig U… Het moment van de consecratie nadert. Nu, in de heilige Mis, is het opnieuw Christus die door de priester handelt: Dit is mijn Lichaam. Dit is de kelk van mijn Bloed. Jezus is nu onder ons! Met de transsubstantiatie wordt de oneindige goddelijke dwaasheid die door de liefde wordt ingegeven, hernieuwd. Als dat ogenblik straks weer nadert, kan ieder van ons in zijn hart tegen Onze Lieve Heer zeggen dat niets ons van Hem zal kunnen scheiden en dat zijn bereidwilligheid om zich geheel weerloos over te leveren onder de fragiele gedaanten van brood en wijn, ons tot zijn vrijwillige slaven heeft gemaakt. “Wil in mijn geest uw leven storten, in U ook steeds mijn vreugde doen zijn.” (Christus komt langs, nr. 90)

2. Waarom is de consecratie belangrijk?

De consecratie is belangrijk omdat het binnen de heilige Mis de verwezenlijking is van het Sacrament van de Eucharistie, waardoor christenen “communie hebben met Christus die werkelijk aanwezig is in het geconsacreerde brood en de geconsacreerde wijn” (Paus Franciscus, Catechese over de heilige Mis, 7 maart 2018). De Kerk viert dit Sacrament al vanaf het begin, zoals in de Bijbel staat: “Ze bleven trouw aan het onderricht van de apostelen, vormden een hechte gemeenschap, braken het brood en baden” (Handelingen 2,42). Deze praktijk was het antwoord op de wens van Jezus Christus zelf tijdens het Laatste Avondmaal: “Doe dit tot mijn gedachtenis” (Lc 22,19; 1 Kor 11,24-25). Met deze woorden vraagt Jezus zijn leerlingen om het geschenk van zijn sacramentele aanwezigheid te aanvaarden en te herhalen “tot Ik kom” (vgl. 1 Kor 11,26).

Het sacrament van de Eucharistie is niet zomaar een herinnering aan een gebeurtenis uit de geschiedenis. Het is de “vervulling” van de “herdenking van Christus, van zijn leven, van zijn dood, van zijn verrijzenis en van zijn voorspraak bij de Vader” (Catechismus van de Katholieke Kerk, 1341) door de liturgische viering. Door de kracht van de Heilige Geest en de woorden van Christus wordt Christus in de consecratie “op een echte en mysterieuze manier aanwezig gemaakt” (Catechismus van de Katholieke Kerk, 1357) onder de mensen, zodat zij in gemeenschap met Hem en met elkaar kunnen zijn. Zoals de heilige Johannes Paulus II benadrukte: “De Eucharistie, de heilbrengende aanwezigheid van Jezus Christus in de gemeenschap van de gelovigen en haar geestelijk voedsel, is het meest waardevolle bezit dat de Kerk op haar pelgrimstocht door de geschiedenis kan hebben” (Encycliek Ecclesia de Eucharistia, 9).

Mediteren met de heilige Jozefmaria

We gaan deze tijd van gebed beëindigen. Bedenk dat Jezus — wanneer je in het diepst van je ziel de oneindige goddelijke goedheid overweegt — door de woorden van de consecratie werkelijk in de hostie tegenwoordig zal zijn, met zijn Lichaam en zijn Bloed, met zijn Ziel en zijn Godheid. Aanbid Hem met eerbied en toewijding; hernieuw in zijn tegenwoordigheid je oprechte liefde voor Hem; zeg Hem zonder angst dat je van Hem houdt; bedank Hem voor dit dagelijkse bewijs van zijn barmhartigheid dat zo vol tederheid is en versterk je verlangen om met een groot vertrouwen tot de communie te naderen. Ik sta verwonderd over dit mysterie van liefde: de Heer wil mijn arme hart als zijn troon, en zolang ik niet van Hem wegga zal Hij mij niet in de steek laten.

Gesterkt door de aanwezigheid van Christus en gevoed met zijn Lichaam zullen wij in dit aardse leven trouw kunnen zijn en zullen wij ons later in de hemel, bij Jezus en zijn Moeder, overwinnaars kunnen noemen. Dood, waar is uw overwinning? Dood, waar is uw angel? God zij gedankt die ons de overwinning geeft door Jezus Christus, onze Heer. (Christus komt langs, nr. 161)

Het is een wonder van liefde. Dit is het ware brood van de kinderen. Jezus, de eerstgeborene van de eeuwige Vader, biedt zich als voedsel aan ons aan. En dezelfde Jezus die ons hier sterkt, wacht ons in de hemel op als zijn disgenoten, mede-erfgenamen en medeburgers, want hoewel degenen die zich met Christus voeden de aardse, tijdelijke dood zullen sterven, zullen zij voor eeuwig leven, omdat Christus het onvergankelijke leven is.

Voor de christen die zich met het blijvende manna van de Eucharistie sterkt, breekt het eeuwige geluk nu al aan. Het oude is voorbij; laten we alles wat vergankelijk is opzijzetten, voor ons moet alles nieuw worden: de harten, de woorden en de daden.

Dit is de blijde boodschap, het goede nieuws. Het is echt nieuws, want het is nieuw, het vertelt ons over de diepte van een liefde waarvan wij geen vermoeden hadden. Het is goed want er is niets beter dan ons innig te verenigen met God, het hoogste Goed. Het is het goede nieuws omdat het ons op een manier die niet onder woorden te brengen is, laat vooruitlopen op de eeuwigheid. (Christus komt langs, nr. 152)

3. Op welk moment van de Mis vindt het plaats?

De heilige Mis wordt sinds het begin van de Kerk gevierd en bestaat uit twee delen: de “Woorddienst” en de “Eucharistische Liturgie”. De Liturgie van het Woord omvat de verkondiging en het luisteren naar het Woord van God door middel van de lezingen die door de Kerk worden aangereikt. Daarna volgt de “Eucharistische Liturgie” met de aanbieding van brood en wijn, de anafora of Eucharistisch gebed - dat de consecratieformule bevat - en de communie (Catechismus van de Katholieke Kerk, n. 1345 - 1355).

De essentiële en noodzakelijke elementen voor de transsubstantiatie zijn: het brood van tarwemeel en de wijn van druiven, bekend als de “Eucharistische gedaanten”; en de woorden van de consecratie, uitgesproken door de celebrerende priester in persona Christi. Deze woorden zijn:

Toen Hij werd overgeleverd en vrijwillig zijn lijden op zich nam, nam Hij het brood, sprak de dankzegging uit, brak het en gaf het zijn leerlingen met deze woorden:

NEEM EN EET HIERVAN, GIJ ALLEN. WANT DIT IS MIJN LICHAAM, DAT VOOR U GEGEVEN WORDT.

Zo nam Hij na de maaltijd ook de kelk, sprak opnieuw de dankzegging uit, en gaf hem zijn leerlingen met deze woorden:

NEEMT DEZE BEKER EN DRINKT HIER ALLEN UIT, WANT DIT IS DE BEKER VAN HET NIEUWE ALTIJDDURENDE VERBOND, DIT IS MIJN BLOED DAT VOOR U EN ALLE MENSEN WORDT VERGOTEN TOT VERGEVING VAN ZONDEN. BLIJF DIT DOEN OM MIJ TE GEDENKEN. (Romeins Canon)

Door de kracht van de woorden waarmee Christus de Eucharistie heeft ingesteld en door zijn handelen via de priester, verenigd met de kracht van de heilige Geest, worden zijn lichaam en bloed sacramenteel aanwezig onder de gedaante van brood en wijn (Catechismus van de Katholieke Kerk, 1353). "Christus heeft het sacrament van de Eucharistie ingesteld op de avond van Witte Donderdag. Hij wilde dat zijn offer telkens opnieuw op onbloedige wijze zou worden aangeboden, telkens wanneer een priester de consecratiewoorden over het brood en de wijn herhaalt. Miljoenen keren in de afgelopen twintig eeuwen, in de eenvoudigste kapelletjes en in de prachtigste basilieken en kathedralen, heeft de verrezen Heer zichzelf aan zijn mensen geschonken" (Benedictus XVI, Preek in Parijs, 13 september 2008).

Mediteren met de heilige Jozefmaria

De heilige Mis — dat wil ik nog eens herhalen — is geen menselijke handeling, maar een handeling van de Allerheiligste Drie-eenheid. Wanneer de priester de Mis opdraagt stelt hij zich in dienst van het plan van de Heer door Hem zijn lichaam en zijn stem ter beschikking te stellen, maar hij handelt niet in zijn eigen naam, maar in persona et in nomine Christi, in de Persoon en in de naam van Christus. (Christus komt langs, nr. 86)

Dit wonder van de heilige Eucharistie, dat voortdurend wordt hernieuwd, heeft alle kenmerken van de manier waarop Jezus handelt. Als volmaakt God en volmaakt mens, als de Heer van hemel en aarde, biedt Hij zich op een heel natuurlijke en gewone manier als dagelijks voedsel aan ons aan. Zo wacht Hij al tweeduizend jaar op onze liefde. Dat is erg lang, maar ook weer niet, want waar liefde is vliegen de dagen voorbij.

Uit liefde en om ons te leren liefhebben is Jezus op aarde gekomen en bij ons gebleven in de Eucharistie. Die de zijnen in de wereld had bemind gaf hun een bewijs van zijn liefde tot het uiterste toe. Met deze woorden begint de heilige Johannes te vertellen wat er op die vooravond van Pasen gebeurde toen Jezus, zoals de heilige Paulus schrijft, brood nam, en na gedankt te hebben het brak en zei: Dit is mijn lichaam voor u. Doet dit tot mijn gedachtenis. Zo ook nam Hij na de maaltijd de beker, met de woorden: Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed. Doet dit elke keer dat gij hem drinkt, tot mijn gedachtenis. (Christus komt langs, nr. 151)

4. Wie kan de consecratie uitvoeren?

Alle gelovigen nemen actief deel aan elke liturgische viering. “Het is de hele Gemeenschap, het Lichaam van Christus in eenheid met zijn Hoofd, die viert” (Catechismus van de Katholieke Kerk, 1140). Elk lid is echter geroepen om een bijzondere rol te vervullen, want “niet alle leden hebben dezelfde functie” (Rom 12,4). De consecratie wordt op de gepaste wijze uitgevoerd door de priester, die als “beeld van Christus deze woorden uitspreekt, maar hun doeltreffendheid en genade komen van God” (H. Johannes Chrysostomos, De proditione Iudae homilia 1,6.). Door het sacrament van het priesterschap ontvangen priesters namelijk een genade die hen in staat stelt om in dienst van de andere gelovigen erediensten te verrichten, in het bijzonder de Eucharistische consecratie.

Dit betekent niet dat de rest van het volk geen belangrijke rol heeft, want “de volledige en actieve deelname van het hele volk is [...] de eerste en onmisbare bron waaruit de gelovigen de ware Christelijke geest moeten putten” (Sacrosanctum Concilium, 14). In die zin is de rol van de gelovigen, hoewel zij de consecratie niet kunnen uitvoeren, van fundamenteel belang. "Want de viering van de Eucharistie is een handeling van de hele Kerk, en daarin moet ieder uitsluitend en volledig datgene doen wat hem of haar toekomt, op grond van de plaats die hij of zij inneemt binnen het volk van God. Het gevolg hiervan is dat ook meer aandacht wordt besteed aan sommige aspecten van de viering die in de loop der eeuwen soms minder aandacht hebben gekregen. Want dit volk is het volk van God, gekocht door het bloed van Christus, bijeengebracht door de Heer, gevoed door zijn woord, het volk dat geroepen is om de gebeden van de hele menselijke familie aan God voor te dragen, een volk dat in Christus dankzegt voor het mysterie van de verlossing door het offer van Christus, een volk ten slotte dat in eenheid wordt samengebracht door de communie met het Lichaam en Bloed van Christus" (GIRM, 5).

Mediteren met de heilige Jozefmaria

De verlossende bemiddeling tussen God en de mens wordt in de Kerk voortgezet door het sacrament van het priesterschap, dat mensen de macht verleent —door haar sacramentele karakter en de daaruit voortvloeiende genade— te handelen in naam van Jezus Christus tot heil van alle mensen. "Dat de één een handeling kan stellen die de ander niet kan stellen, komt niet voort uit een verschil in goed of kwaad, maar uit de verkregen macht die de een wel bezit en de ander niet. Omdat nu de leek niet de macht ontvangen heeft om te consacreren, kan hij, hoe groot zijn persoonlijke goedheid ook is, geen consecratie bewerkstelligen" (H. Thomas van Aquino, In IV Sent, d13 q1a1). (Liefde tot de Kerk, nr. 14)

En alsof alle bewijzen van zijn barmhartigheid nog niet genoeg waren, heeft onze Heer Jezus Christus de Eucharistie ingesteld, zodat we Hem altijd dicht bij ons kunnen hebben. En ook — voor zover we dat kunnen begrijpen — omdat Hij zo door zijn liefde wordt gedreven dat Hij, hoewel Hij niets nodig heeft, ons niet wil missen. De Drie-eenheid heeft een passie voor de mens die Hij tot de orde van de genade verheven heeft en die naar zijn beeld en gelijkenis (Gen 1, 26) is gemaakt. Hij heeft de mens verlost van de zonde — van de zonde van Adam die op zijn hele nageslacht is overgedragen, en van de persoonlijke zonden van iedereen — en Hij verlangt er vurig naar in onze ziel te wonen. Als iemand Mij liefheeft, zal hij mijn woord onderhouden; mijn Vader zal hem liefhebben en Wij zullen tot hem komen en verblijf bij hem nemen (Joh 14, 23). (Christus komt langs, nr. 84)

In de Eucharistie blijft deze drievoudige stroom van liefde voor de mensen voor altijd op een heilige manier aanwezig. Jaren geleden hebben wij in de catechismus geleerd dat de Eucharistie beschouwd kan worden als een offer en als een sacrament; en dat dit sacrament er is als de heilige communie en als een schat op het altaar: in het tabernakel. De Kerk heeft nog een feest aan het eucharistisch mysterie, aan het Lichaam van Christus gewijd, dat in alle tabernakels van de hele wereld aanwezig is: Corpus Christi, Sacramentsdag. Vandaag, op Witte Donderdag, willen we stilstaan bij de heilige Eucharistie als offer en voedsel in de heilige Mis en in de heilige communie.

Ik sprak over de drievoudige stroom van liefde voor de mensen. Waar komt die sterker tot uitdrukking dan in de Mis? Bij het heilig Misoffer werken de drie Personen van de Drie-eenheid mee. Daarom spreek ik de volgende slotwoorden van verschillende gebeden van de Mis zo graag uit: Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon — we richten ons tot de Vader — die met U leeft en heerst in de eenheid van de heilige Geest, God, door de eeuwen der eeuwen. Amen.

In de Mis richten we ons voortdurend tot de Vader. De priester vertegenwoordigt de eeuwige hogepriester, Jezus Christus, die tegelijkertijd het slachtoffer is. En de werking van de heilige Geest is in de Mis even onuitsprekelijk als zeker. Door de kracht van de heilige Geest, schrijft de heilige Johannes van Damascus, verandert het brood in het Lichaam van Christus. (Christus komt langs, nrs. 84-85)

5. Kan er buiten de Mis een Eucharistische Consecratie plaatsvinden?

“De Mis bestaat uit twee delen: de Liturgie van het Woord en de Eucharistische Liturgie. Deze twee delen zijn zo nauw met elkaar verbonden dat ze één enkele eredienst vormen” (Paus Franciscus, Catechese over de Heilige Mis, 20 december 2017). Om deze reden is de Eucharistische Liturgie, waarin de Eucharistische consecratie plaatsvindt, onlosmakelijk verbonden met de ritus van de Mis. “Want in de Mis wordt de tafel van Gods Woord en van het Lichaam van Christus bereid, waaraan de gelovigen onderricht en verkwikking ontvangen” (Algemene Instructie voor het Romeins Missaal, 28).

Mediteren met de heilige Jozefmaria

Ik zie mezelf als een arm, klein vogeltje dat enkel gewend is van boom tot boom te vliegen, of hooguit naar het balkon van een derde verdieping… Op een goede dag slaagt het erin het dak van een gebouw te bereiken, dat niet bepaald een wolkenkrabber is…

Plotseling wordt onze vogel gegrepen door een adelaar die hem aanziet voor een jong van zijn eigen soort. En tussen die machtige vleugels stijgt het vogeltje hoger en hoger, tot boven de bergen der aarde, boven de sneeuwtoppen, boven de witte en blauwe en roze wolken, nóg hoger zelfs, totdat het oog in oog komt te staan met de zon… Dan laat de adelaar het vogeltje los en zegt: vooruit, vlieg…!

Heer, laat ik niet weer opnieuw laag bij de grond fladderen. Laat de stralen van de goddelijke zon - Christus in de Eucharistie - mijn leven altijd verlichten! Laat mijn vlucht niet onderbroken worden, totdat ik rust vind bij uw Hart. (De Smidse, nr. 39)