Postulator: ‘Ze was een vrouw van grote menselijke klasse’

Vragen aan de postulator van het zaligverklaringsproces, Antonio Rodríguez de Rivera, priester.

Opus Dei - Postulator: ‘Ze was een vrouw van grote menselijke klasse’

Naar aanleiding van de stap die de zaligverklaring van Guadalupe Ortiz de Landázuri mogelijk maakt, stellen we enkele vragen aan de priester Antonio Rodríguez de Rivera, de postulator van het proces. Er zijn stukken van het interview opgenomen dat de postulator op 4 mei 2017 heeft gegeven, toen het decreet over het heldhaftig beleven van de deugden van Guadalupe was goedgekeurd.


Wie was Guadalupe Ortiz de Landázuri?

Ze was iemand die verliefd was op God, vol geloof en hoop.

Ze was een vrouw van grote menselijke klasse, vreugdevol en nederig, die in haar beroep veel prestige genoot en de anderen altijd in hun geestelijke en materiële noden hielp. Ze was iemand die verliefd was op God, vol geloof en hoop.

Ze is op het feest van Maria van Guadalupe in het jaar 1916 geboren in Madrid. Ze heeft aan de Universidad Central in Madrid scheikunde gestudeerd. Er waren maar vijf vrouwen in haar jaargang. Ze viel op doordat ze haar studie heel serieus nam en een aanstekelijke glimlach had. Ze is na de burgeroorlog afgestudeerd en begon toen lessen natuur- en scheikunde te geven op het college van de Ierse zusters en op het Franse Lyceum in Madrid.

Begin 1944 heeft ze het Opus Dei leren kennen. Haar eerste ontmoeting met de heilige Jozefmaria maakte een diepe indruk op haar. Later zou ze zeggen: “Ik had een sterke indruk dat God door die priester tot mij sprak”. In hetzelfde jaar vroeg ze tot die instelling van de Kerk toegelaten te worden … Ze heeft in Madrid en Bilbao leiding gegeven aan een paar centra van het Opus Dei voor jonge vrouwen. In 1950 verhuisde ze naar Mexico om er het apostolaatswerk met vrouwen te beginnen: het was een avontuur dat ze met edelmoedigheid en een enorm geloof heeft beleefd. Ze heeft onder andere een centrum voor de menselijke en professionele ontwikkeling van plattelandsvrouwen opgezet, in een landelijk gebied van de staat Morelos.

In 1956 keerde ze terug naar Europa en werkte ze in Rome samen met de heilige Jozefmaria in de leiding van het Opus Dei. Na twee jaar is ze om gezondheidsredenen naar Spanje teruggekeerd en heeft daar het onderwijs en onderzoek weer opgepakt. Ze heeft voor haar proefschrift in de scheikunde het hoogste cijfer gehaald, wat met de Juan de la Cierva-prijs is bekroond. Ze was pionier van het Centrum voor Studies en Onderzoek in huishoudwetenschappen. Het Comité International de la Rayonne et des Fibres Synthétiques gaf haar een prijs voor een onderzoek over textielvezels.

Ten gevolge van een hartafwijking is ze in geur van heiligheid in Pamplona overleden, op het feest van Maria van de berg Carmel op 16 juli 1975, 20 dagen nadat de heilige Jozefmaria naar de hemel was gegaan. Ze is 59 jaar geworden.

Waarom heeft de Kerk besloten haar heiligverklaringsproces te openen?

Omdat degenen die haar in Spanje, Mexico en Italië hebben gekend overtuigd zijn van haar heiligheid, dat wil zeggen van haar voorbeeld waarmee ze de christelijke deugden beoefende. En vele anderen die na haar dood over de heldhaftigheid van haar leven hebben gehoord, nemen hun toevlucht tot haar voorspraak om God gunsten te vragen. Wat zeggen de mensen die haar hebben gekend over Guadalupe? Ik zal een paar zinnen citeren:

  • Wij vonden haar een buitengewoon iemand die opviel door haar deugden.
  • De herinnering aan haar heiligheid is onuitwisbaar.
  • Ze straalde uit dat ze een kind van God was en trouw aan zijn Wil wilde leven.
  • Je zag dat ze verliefd was op de Heer, vol van een diepe vreugde, die ze al doorgaf als je haar alleen maar zag. Ze stroomde altijd over van vreugde; het leek wel dat ze je wanneer ze lachte een stukje hemel gaf.
  • Ik was onder de indruk van haar ingetogenheid tijdens de Mis en bij haar dagelijkse Communie, van hoe veel ze bad en ons aanmoedigde te bidden.
  • Haar grote liefde voor de Kerk maakte dat ze dagelijks voor de paus bad.
  • Ze werkte “verenigd met de Heer”, terwijl ze trachtte iedereen om haar heen te beminnen en te helpen, en met een apostolische ijver die zelfs haar ziekte niet kon verzwakken.
  • Ik wens dat ze wordt heiligverklaard, omdat ik vind dat ze heilig is en omdat ik geloof dat haar leven een belangrijk voorbeeld voor de wereld van vandaag is.

U hebt het leven van Guadalupe diepgaand bestudeerd. Wat is het van haar dat op u persoonlijk de meeste indruk maakt?

Wat de grootste indruk op mij heeft gemaakt is dat Guadalupe ‘zichzelf heeft vergeten’.

Wat de grootste indruk op mij heeft gemaakt is dat Guadalupe ‘zichzelf heeft vergeten’. Ze dacht voortdurend aan God en de anderen. Een voorbeeld daarvan is wat er in 1952 in Mexico is gebeurd. Het was tijdens een reeks bezinningsdagen voor studentes, in een huis dat net gebouwd was en amper gemeubileerd. De voorlaatste dag gaf ze een voordracht over de christelijke deugden. Zij en de anderen zaten op de grond. Ze voelde een scherpe pijn door de steek van een insect, maar ze wilde de voordracht niet onderbreken om geen bezorgdheid op te wekken; niemand besefte wat er was gebeurd. Ze werd ziek en kreeg heel hoge koorts en ze moest zo’n twee weken in bed blijven. Ze klaagde op geen enkel moment. Meer nog, vanuit haar bed ging ze door met wat ze hoorde te doen totdat iemand anders van het Opus Dei haar verving. Degenen die voor haar zorgden waren getuige niet alleen van het feit dat ze niet klaagde en niet over haar ziekte sprak, maar ook dat ze ondanks alles steeds interesse toonde voor wie haar kwamen bezoeken en met veel belangstelling het apostolaatswerk volgde.

Dat ‘vergeten van zichzelf’ samen met haar diepe innerlijk leven maakte dat ze een vulkaan van initiatieven en activiteiten was om de anderen menselijk en geestelijk te helpen.

Ook haar moed en sterkte trekken bij deze gebeurtenis de aandacht. Deze sterkte is op menselijk niveau deels gesmeed tijdens de tijd die ze in Tetuán – vanwege de bestemming van haar vader die militair was – doorgebracht heeft. Zij was daar het enige meisje op school. De sterkte en het geloof van Guadalupe kwamen op een bewonderenswaardige manier naar voren toen zij – met haar moeder en broer, in de nacht van 7 op 8 september 1936 midden in de burgeroorlog – haar vader vergezelde die in de vroege ochtend gefusilleerd zou worden. Het was Guadalupe die hem zonder een traan te laten hielp om te bidden en zich op de ontmoeting met God voor te bereiden.

Wat zijn haar belangrijkste karaktertrekken volgens u?

Ze gaf vrede en vertrouwen aan plattelandsvrouwen en studentes, aan vrouwen van elk sociaal niveau.

Veel mensen die haar gekend hebben onderstrepen haar uitbundige vreugde, haar glimlach. Ze was voor iedereen hartelijk. Ze gaf vrede en vertrouwen aan plattelandsvrouwen en studentes, aan vrouwen van elk sociaal niveau. Haar vreugde was niet de vrucht van menselijke inspanning, maar kwam voort uit het besef dat ze een dochter van God was, uit haar intimiteit met Christus; dat wil zeggen, die vreugde was een gave van de Heilige Geest. Daarom was ze evenwichtig en sereen, en dat vergemakkelijkte aanzienlijk haar apostolaat en haar dienst aan Kerk en maatschappij.

Een universiteitsstudent, die Guadalupe het jaar na haar aankomst in Mexico leerde kennen, merkte op: "Ik geef toe dat ik nieuwsgierig was om haar te ontmoeten, omdat iedereen me vertelde over haar voortdurende vreugde en glimlach." En haar broer Eduardo, die haar laatste momenten beschrijft, zei: «Dit was het grote 'geheim' van Guadalupe: zij accepteerde altijd alles wat haar overkwam en zag het als iets goeds. Ook tijdens die laatste uren van haar doodstrijd, was iedereen verwonderd over diezelfde onvergetelijke glimlach».

Zou men kunnen zeggen dat Guadalupe ‘de geest van de zaligsprekingen’ waarover paus Franciscus in Gaudete et Exsultate spreekt belichaamt?

Ik denk van wel, want haar leven, dat heel normaal was en tegelijk vol van God, is een schitterende uitnodiging om zich voor de anderen open te stellen. Door haar voorbeeld worden we aangespoord de gemakzucht van ons af te schudden om ons ten dienste van onze medemens te stellen. Door de weg van de zaligsprekingen af te leggen helpt Guadalupe ons te ontdekken dat we alléén met Christus een diepe en blijvende vreugde kunnen bezitten, zoals de paus in Gaudete et Exsultate uitlegt.

Hebben de mensen devotie tot haar? Wat vragen ze haar?

De privédevotie voor Guadalupe wordt steeds meer verbreid. Veel mensen schrijven naar de postulatie om te getuigen van de genaden die God hun op voorspraak van Guadalupe heeft verleend. De laatste 10 jaar hebben we verhalen van gunsten ontvangen uit Spanje, Mexico, België, Italië, Portugal, Litouwen, Kenia, India, Venezuela, Ecuador, Guatemala, Puerto Rico, Verenigde Staten en Canada. Een ander duidelijk teken van haar geur van heiligheid is het feit dat men in Zamora (Mexico) een basisschool naar haar heeft vernoemd: de Guadalupe Ortiz de Landázuri-school. Dit initiatief is opgezet door een paar mensen die haar biografie hebben gelezen en haar heiligheid, professionaliteit en toewijding aan het onderwijs en de vorming van de jeugd bewonderden.

Degenen die hun toevlucht nemen tot de voorspraak van Guadalupe hebben heel verschillende genaden ontvangen: genezingen, gunsten wat betreft zwangerschap en geboorte, het krijgen van werk, de harmonie tussen werk en gezin, de oplossing van economische problemen, verzoeningen tussen familieleden, toenadering tot God van vrienden en collega’s, enz.

Paus Franciscus heeft een wonder goedgekeurd dat toegeschreven is aan de voorspraak van Guadalupe Ortiz de Landázuri. Wat is dat voor een wonder?

Het gaat om een basaalcel-carcinoom dat in één nacht is genezen. Op 28 november 2002 bad de man die bij zijn rechteroog aan deze huidkanker leed, voordat hij ging slapen, met geloof en intensiteit tot Guadalupe. Toen hij de volgende dag, 29 november, opstond ontdekte hij dat hij was genezen: de tumor was helemaal verdwenen zonder ook maar een spoor na te laten. De medische deskundigen van de Congregatie voor de Heiligverklaringen oordeelden dat dit feit niet wetenschappelijk te verklaren is. De adviserende theologen en later de kardinalen en bisschoppen gaven als oordeel dat het aan de voorspraak van Guadalupe moet worden toegeschreven.