Vijftig jaar geleden, op 26 juni, kwam er een einde aan het aardse leven van Jozefmaria Escrivá, de stichter van het Opus Dei. Wat is de actualiteit van zijn boodschap?
De boodschap van de heilige Jozefmaria heeft vandaag de dag nog steeds een bijzondere kracht: de universele oproep tot heiligheid in het werk, in dienst van de samenleving en in het gezin, de kleine huiskerk zoals de heilige Paulus VI het graag noemde. In een wereld die de neiging heeft het heilige en het alledaagse van elkaar te scheiden, blijft zijn boodschap radicaal en diep christelijk: elk werk, en alles wat met het gezin te maken heeft, elk klein moment van vreugde of verdriet dat met liefde wordt beleefd, wordt een gelegenheid om God te ontmoeten. Deze oproep om het hier en nu te heiligen, met realisme en hoop, is actueler dan ooit
Het recente Algemeen Congres, een belangrijk gebeuren voor het Opus Dei, viel samen met de dagen waarin de Kerk kennismaakte met de nieuwe Paus. Welke overwegingen heeft deze samenloop van gebeurtenissen bij u opgeroepen?
Aan de ene kant was het verdriet om het overlijden van paus Franciscus duidelijk merkbaar. Aan de andere kant was er het gevoel van verwachting dat ons in gebed en openheid verenigde met de hele Kerk. Deze samenloop van omstandigheden heeft ons eraan herinnerd hoe diep onze identiteit als leken geworteld is in onze Moeder de Kerk. De verkiezing van een nieuwe Paus is altijd een moment van genade en verantwoordelijkheid, een uitnodiging aan ieder van ons om in de persoon van de opvolger van Petrus onze trouw aan Christus te hernieuwen. Ik was onder de indruk van de vreugde van al die mensen, zodra de witte rook te zien was, een uur voordat de identiteit van de Paus bekend werd gemaakt: de vreugde dat we nu weer een gemeenschappelijke vader hadden, wie dat ook mocht zijn.
Enkele dagen na de verkiezing van de Paus werd u in audiëntie ontvangen door Leo XIV. Kunt u ons iets vertellen over dat gesprek?
Het was een vaderlijk gebaar, waarbij de Paus zijn nabijheid en genegenheid toonde, als een ware gemeenschappelijke vader van de Kerk. De Heilige Vader vroeg onder andere naar de stand van zaken w.b. de herziening van de statuten van de Prelatuur. Leo XIV luisterde met grote belangstelling naar de toelichting. Vervolgens wees hij op de mariale feestdagen die samenvielen met de dag van zijn verkiezing. In een familiaire en vertrouwelijke sfeer gaf hij mij en mgr. Mariano Fazio (de hulpvicaris van het Opus Dei) zijn zegen. Het was een vreugde voor alle leden van het Opus Dei.
De eerste weken met Leo XIV laten ons een menselijk en spiritueel profiel zien dat de overgrote meerderheid van het publiek niet kende. Wat vindt u het meest indrukwekkend aan de Paus?
Ik ben onder de indruk van zijn innerlijke diepgang, zijn sereniteit en, om het zo te zeggen, zijn natuurlijkheid. In een tijd die vaak gekenmerkt wordt door haast en lawaai, lijkt de Heilige Vader een stilte te bewaren die doordrongen is van God, wat tot uiting komt in de manier waarop hij spreekt, luistert en kijkt: het zijn houdingen die hem veel helpen in zijn verlangen naar eenheid. Je merkt dat hij een sterk en levend geloof heeft, dat hoop weet te wekken en een gevoel van barmhartigheid tegenover iedere persoon, zoals ook blijkt uit veel getuigenissen uit Chiclayo, het bisdom in Peru waar hij bisschop was totdat paus Franciscus hem riep om naar Rome te verhuizen.
Welke toekomstige plannen zijn er tijdens de werkbijeenkomsten van het Congres voor het Werk gemaakt?
Het Congres heeft de rouw in acht genomen die de hele Kerk na het overlijden van paus Franciscus trof. Daarom duurden de werkzaamheden korter dan gepland. Niettemin werden de leden van de Algemene Raad en de Centrale Assessorie benoemd (zoals gebruikelijk is bij deze congressen) en, los van het Congres zelf, was er tussen de mensen die vanuit de hele wereld naar Rome waren gekomen een uitwisseling van de overwegingen die uit alle landen waar het Werk aanwezig is kwamen, dankzij de bijeenkomsten die in 2024 werden gehouden en de aandachtige en, volgens mij, enthousiaste deelname van duizenden mensen. Uit deze bijeenkomsten is een grote eenheid van doelstellingen voortgekomen wat betreft de inzet voor de evangelisatie in de beroepswereld evenals een oprechte liefde voor de Kerk. Naast andere suggesties is er veel gesproken over het apostolaat van de christelijke “eerste verkondiging”, dat steeds noodzakelijker wordt in een wereld die ogenschijnlijk steeds meer geseculariseerd is, maar waarin we een grote dorst naar God ontdekken. De heilige Jozefmaria heeft het Werk omschreven als een “grote catechese” midden in de wereld, in het gewone leven: wij vragen hem licht om te weten hoe we dit in de huidige omstandigheden met vreugde en edelmoedigheid kunnen voortzetten.
Vervolgens waren de leden van het Congres ook positief van mening dat dat de prelaat, met zijn nieuwe adviesorganen, het voorstel voor de Statuten dat hij het meest geschikt achtte naar de Heilige Stoel kon sturen, rekening houdend met alle suggesties die al tijdens het Congres van 2023 waren ontvangen en met de voorafgaande raadpleging van alle leden van het Opus Dei. En zo geschiedde: nadat paus Leo was gekozen, heb ik het voorstel op 11 juni jl. ingediend bij het Dicasterie voor de Clerus. De volgende stap ligt nu in handen van de autoriteiten van de Apostolische Stoel.
In 2028 zullen jullie het honderdjarig bestaan vieren. Hoe ontwikkelt het Opus Dei zich?
Het belangrijkste uitgangspunt voor elke noodzakelijke verandering is de trouw aan het charisma. De culturele en sociale omstandigheden veranderen, en ook de mensen veranderen (zij zijn het immers die de boodschap in elk tijdperk belichamen), maar de essentie blijft dezelfde: iedere persoon helpen ontdekken dat God hem of haar juist daar waar hij of zij zich bevindt roept. De veranderingen die we meemaken – ook in het proces van aanpassing van de Statuten – zijn een stimulans om het wezenlijke te bewaken. We willen steeds meer een waarachtige, nabije en nederige hulp zijn voor iedereen in de Kerk en in de samenleving.
Wat leert het Werk van het proces van herziening van de Statuten dat door paus Franciscus in gang is gezet?
Deze jaren van werk werden gekenmerkt door een luisterend oor, in een geest van kinderlijke toewijding en oprechte bereidwilligheid, waarbij we de schat die de heilige Jozefmaria ons heeft nagelaten hebben bewaard terwijl we vooruitkijken. Paus Franciscus heeft ons uitgenodigd tot een weg van vernieuwing, die ook geduld en diepgang vereist. De herziening van de Statuten is niet alleen een juridische, maar ook een spirituele oefening: ze helpt ons ons af te vragen wat er werkelijk toe doet, wat het beste is voor de personen en voor ons apostolaat. Het is een kans om de evangelische essentie van het charisma dieper te beleven.
Wat vindt een jongere tegenwoordig op zijn geloofsweg zoals die door het Opus Dei wordt aangegeven?
De mogelijkheid om te ontdekken dat het gewone leven, met al zijn inspanningen en schoonheid, een veilige weg kan zijn die ons naar God leidt. Ze vinden er ook begeleiding, een oprechte dialoog in vriendschap, een familiaire sfeer en een visie op heiligheid die niet voorbehouden is aan een paar “helden”, maar die voor iedereen is. Een uitnodiging, zoals de heilige Jozefmaria altijd zei, om “christenen vol optimisme en daadkracht te zijn, in staat om in de wereld hun goddelijk avontuur te beleven”, en zo het goede te doen en de samenleving om hen heen te verbeteren. Te midden van de onzekerheden van onze tijd verlangen veel jongeren naar authenticiteit, en het Evangelie – beleefd in het dagelijks leven – geeft een diepgaand antwoord op dit verlangen.
