“Maria, Konigin van de Apostelen”

Wat bevat elk afzonderlijk tafereel van het Nieuwe Testament een buitengewone les! - Als de Meester, wanneer Hij opstijgt naar de rechterhand van de Vader, hun heeft gezegd: “Gaat en onderwijst alle volkeren”, blijven de leerlingen in vrede achter. Maar ze hebben nog twijfels: ze weten niet wat ze moeten doen en verenigen zich met Maria, Koningin der apostelen, om vurige predikers te worden van de Waarheid die de wereld zal redden. (De Voor, 232)

Als we ons leven nederig beschouwen, zullen we helder zien, dat de Heer ons behalve de genade van het geloof ook nog talenten en goede eigenschappen gegeven heeft. Niemand van ons is een serieprodukt: onze Vader heeft ons een voor een geschapen en Hij heeft verschillende goederen onder zijn kinderen verdeeld. Wij moeten die talenten en eigenschappen ten dienste van iedereen stellen: die gaven van God gebruiken als hulpmiddelen om anderen Christus te laten ontdekken.

(…) Het is een taak voor de kinderen van God, dat iedereen, in vrijheid, de netten van de Heer binnenzwemt om elkaar daar in liefde te vinden. Als we christen zijn, moeten we worden als die vissers die de profeet Jeremia met dezelfde beeldspraak beschrijft als Christus meer dan eens gebruikt: Volgt Mij; Ik zal u vissers van mensen maken (Mt 4, 19), zegt Hij tot Petrus en Andreas.

Vrienden van God, 258-260