“Hoe wil je dat ze naar je luisteren?”

Je loopt het grote risico dat je je ermee tevreden stelt als een - braaf kind - te leven - of te denken dat je zo moet leven, dat in een ordelijk huis woont, geen problemen heeft en alleen maar geluk kent. Dat is een karikatuur van het gezinsleven van Nazareth: juist omdat Hij geluk en orde kwam brengen, trok Christus erop uit om die rijkdommen te verbreiden onder de mannen en vrouwen van alle tijden. (De Voor, 952)

Je verlangens de hele mensheid Christus te leren kennen lijken me heel logisch. Maar begin met de verantwoordelijkheid op je te nemen voor de redding van de zielen van de mensen in je naaste omgeving, om ieder van je metgezellen op je werk of bij je studie tot heiligheid te brengen - Dat is de voornaamste opdracht die de Heer je heeft toevertrouwd.
De Voor, 953

Je moet je zo gedragen alsof de sfeer van de plaats waar je werkt uitsluitend van jou afhangt. Het moet een sfeer zijn van arbeidzaamheid, van blijdschap, van aanwezigheid van God en van een bovennatuurlijke kijk op de dingen.
Ik begrijp je willoosheid niet. Als je in aanraking komt met een groepje mensen dat een beetje lastig is - misschien wel zo geworden door jouw nalatigheid, ga je ze uit de weg, gooi je het bijltje erbij neer en denk je dat ze ballast zijn, een hinderpaal voor je apostolische dromen, dat ze je toch niet zullen begrijpen

Hoe wil je dat ze naar je luisteren als je niet, naast je genegenheid en je dienstbaarheid in gebed en versterving, tot ze spreekt?
Je zult heel wat verrassingen meemaken als je eenmaal besloten bent om met ieder van hen, één voor één om te gaan! Bovendien zullen ze, als jij niet anders wordt, terecht kunnen uitroepen, terwijl ze jou met de vinger nawijzen: Hominem non habeo!, - Ik heb niemand die me wil helpen!
De Voor, 954