“De kinderen zijn het voornaamste”

Er zijn twee terreinen die van beslissend belang zijn in het leven van de volkeren: de huwelijkswetgeving en de onderwijswetgeving. Op deze terreinen moeten de kinderen van God sterk staan en zich belangeloos inzetten uit liefde voor alle mensen. (De Smidse, 104)

Vader- en moederschap eindigen niet met de geboorte. Dit delen in de scheppende macht van God, het vermogen om leven voort te brengen, moet samen met de heilige Geest worden voortgezet en heeft als hoogtepunt de vorming van echt christelijke mannen en vrouwen.

De ouders zijn zowel in het menselijke als in het bovennatuurlijke de belangrijkste opvoeders van hun kinderen en ze moeten zich bewust zijn van deze verantwoordelijkheid. Dit vraagt om begrip en gezond verstand. Ze moeten dingen kunnen uitleggen, maar vooral kunnen liefhebben en hun best doen het goede voorbeeld te geven. Het is niet de juiste weg in de opvoeding iets op een autoritaire manier en met geweld af te dwingen. Het ideaal van de ouders is veeleer vrienden van hun kinderen te worden, vrienden aan wie de kinderen hun zorgen kunnen toevertrouwen, met wie ze hun problemen bespreken, van wie ze echte en liefdevolle hulp kunnen verwachten.

Het is noodzakelijk dat ouders de tijd nemen om iets met hun kinderen te ondernemen en met hen te praten. De kinderen komen op de eerste plaats, ze zijn belangrijker dan zaken, werk, of ontspanning. Het is belangrijk aandachtig te luisteren naar wat ze vertellen, moeite te doen om ze te begrijpen, en het stukje waarheid of de hele waarheid te zien die achter hun opstandigheid kan zitten. Tegelijkertijd kunnen ouders hun kinderen steunen bij hun toekomstplannen en hen leren om afwegingen te maken en goed na te denken. Het gaat er niet om een bepaald gedrag op te leggen, maar om de bovennatuurlijke en de menselijke redenen te laten zien die dat gedrag wenselijk maken. Kortom: het is belangrijk hun vrijheid te respecteren, want een goede opvoeding vereist persoonlijke verantwoordelijkheid, en verantwoordelijkheid vereist vrijheid.

Christus komt langs, 27