“De heilige Jozef, is een meester van het innerlijk leven”

De heilige Jozef, de vader van Christus, is ook jouw vader en jouw heer. - Vraag hem om hulp. (De Weg, 559)

Onze vader en heer, de heilige Jozef, is een meester van het innerlijk leven. - Stel je onder zijn bescherming en je zult zijn machtige invloed bespeuren.
De Weg, 560

In het boek over haar leven zegt de heilige Teresia van Avila over de heilige Jozef: “Wie geen meester heeft om te leren bidden, neme deze grote heilige tot leraar; dan zal hij de weg niet kwijt raken”. - Deze raad komt van een ervaren persoon. Volg hem op.
De Weg, 561

De heilige Jozef: men kan niet van Jezus en Maria houden zonder te houden van de heilige Patriarch.
De Smidse, 551

Kijk eens hoeveel redenen er zijn om de heilige Jozef te vereren en van zijn leven te leren. Hij stond sterk in het geloof...; hij wist zijn gezin - Jezus en Maria - met hard werken vooruit te brengen; hij eerbiedigde de zuiverheid van de Maagd Maria die zijn bruid was...; hij respecteerde - beminde - de vrijheid van God die niet alleen de Maagd uitkoos als zijn Moeder, maar die hém ook als echtgenoot van Maria wilde.
De Smidse, 552

Heilige Jozef, onze Vader en Heer. Zeer kuise, allerzuiverste Jozef, U had het voorrecht het Kind Jezus in uw armen te nemen, het te verzorgen en te kussen. Leer ons met God om te gaan, zuiver te leven en maak ons waardig om een andere Christus te zijn.

Help ons de goddelijke - verborgen en lichtende - wegen van Christus te gaan en deze voor de mensen te openen en hun te zeggen dat zij, hier op aarde, de mogelijkheid hebben om voortdurend een onvermoede geestelijke kracht te ontplooien.
De Smidse, 553

Houd veel van de heilige Jozef. Bemin hem met heel je hart, want hij is degene die, met Jezus, het meest van Maria gehouden heeft. Hij is ook degene die het meest met God omging en, na onze Moeder, het meest van Hem gehouden heeft.
Hij verdient het dat je van Hem houdt en het is goed dat je met hem omgaat, omdat hij de Meester van het innerlijk leven is en veel invloed heeft bij de Heer en bij de Moeder van God.
De Smidse, 554