“Maak van het dagelijks leven een getuigenis van geloof”

Veel materiële, technische, economische, sociale, politieke en culturele zaken worden, als ze aan zichzelf worden overgelaten, of als ze in handen zijn van mensen die het licht van ons geloof missen, enorme hinderpalen voor het bovennatuurlijk leven: zij gaan als het ware een gesloten blok vormen dat vijandig staat tegenover de Kerk.

Jij – als onderzoeker, schrijver, wetenschapper, politicus, arbeider – hebt als christen de plicht om die werkterreinen te heiligen. Besef dat het hele heelal – zoals de Apostel schrijft – zucht als in barensweeën, in afwachting van de bevrijding van de kinderen van God. (De Voor, 311)

Hoewel we er bij andere gelegenheden al veel over hebben gesproken, wil ik de natuurlijkheid en eenvoud van het leven van de heilige Jozef die zich niet van zijn buren afzonderde of onnodig afstand schiep, nog eens onderstrepen.

Ik spreek dan ook niet graag van katholieke arbeiders, katholieke ingenieurs, katholieke artsen – al kan het in bepaalde omstandigheden wenselijk zijn dat te doen – alsof het soorten zijn binnen een geslacht, alsof katholieken een apart groepje vormen. Dit zou de indruk wekken dat er een kloof is tussen christenen en de rest van de mensheid. Ik respecteer een andere mening, maar ik denk dat het juister is om te spreken van arbeiders die katholiek zijn, of van katholieken die arbeider zijn; van ingenieurs die katholiek zijn, of van katholieken die ingenieur zijn. Want de mens die gelovig is en een intellectueel, technisch of ambachtelijk beroep heeft, is met de anderen verbonden, hij is gelijk aan de anderen, hij heeft dezelfde rechten en plichten, dezelfde wens om in het leven vooruit te komen, en zet zich evenzeer in om de gemeenschappelijke problemen aan te pakken en op te lossen.

Een katholiek die deze instelling heeft zal van zijn leven een getuigenis van geloof, hoop en liefde weten te maken; met eenvoud en natuurlijkheid, zonder enige ophef. Door een coherent gedrag laat hij zien dat de Kerk steeds in de wereld aanwezig is, want alle katholieken zijn zelf de Kerk, als volwaardig lid van het ene volk van God.

Christus komt langs, 53