“Hij is gekomen om de liefde van God te openbaren”

Christus, die het Kruis besteeg met wijd geopende armen, met het allesomvattende gebaar van de Eeuwige Priester, wil op ons rekenen - op ons die niets zijn - om de vruchten van zijn verlossing naar 'alle' mensen te brengen. (De Smidse, 4)

Al is ons dagelijks leven onder de mensen nog zo gewoon, een leven zoals dat van iedereen, het is daarom nog niet kleurloos en vlak. Juist in deze omstandigheden wil God dat de overgrote meerderheid van zijn kinderen zich heiligt.

We moeten steeds weer benadrukken dat Jezus zich niet richtte tot een groep bevoorrechten, maar dat Hij ons de universele liefde van God is komen openbaren. God houdt van alle mensen, van allen verwacht Hij liefde. Van allen: het maakt niet uit wat hun persoonlijke eigenschappen zijn en hun sociale positie, beroep of functie. Het gewone, dagelijkse leven is niet onbelangrijk: alle wegen op aarde kunnen een gelegenheid zijn voor een ontmoeting met Christus, die ons oproept om ons met Hem te identificeren en zijn goddelijke zending te verwezenlijken op de plaats waar wij zijn.

God roept ons via alle gebeurtenissen van het dagelijks leven, via het lijden en de vreugde van de mensen om ons heen, via de aardse zorgen van onze medemensen en de kleine dingen van het gezinsleven. God roept ons ook via de grote problemen, conflicten en opgaven die iedere periode in de geschiedenis kenmerken en waar de hoop en de energie van een groot deel van de mensheid naar uit gaat.

Christus komt langs, 110