“Dan zal ik de warmte van uw goddelijkheid voelen”

Wie voor God werkt moet een 'meerwaardigheidscomplex' hebben. Dit heb ik je al eens eerder gezegd. - Maar, vroeg je, is dat dan geen teken van hoogmoed? Nee! Het is een gevolg van de nederigheid, van een nederigheid die me doet zeggen: Heer, U bent wie U bent en ik ben daarvan de tegenpool.

U hebt alle volmaaktheden: macht, kracht, liefde, glorie, wijsheid, gezag, waardigheid... Als ik heel dicht bij U ben - zoals een kind dat zich nestelt in de sterke armen van zijn vader of op de schoot van zijn moeder - dan zal ik de warmte van uw goddelijkheid voelen, het licht van uw wijsheid ervaren, dan zal ik uw kracht door mijn aderen voelen stromen. (De Smidse, 342)

Denk eraan: als u oprecht bent, als u zich laat zien zoals u bent, als u 'godgelijkend wordt' uit nederigheid en niet uit hoogmoed, dan zullen we ons zeker voelen, u en ik, in welke omgeving dan ook. We zullen steeds van overwinningen kunnen spreken en we zullen ons met recht overwinnaars kunnen noemen. Want we zullen ons kunnen beroemen op die innerlijke overwinningen van de liefde van God die de oorzaak zijn van serene vreugde, het geluk van de ziel, het begrip.

Nederigheid zal ons ertoe brengen grote ondernemingen aan te pakken; maar wel op voorwaarde, dat we niet het besef van onze geringheid uit het oog verliezen en met een elke dag groeiend overtuigd zijn van onze povere onwaardigheid.

Vrienden van God, 104-106