“De aankondiging van de Heer”

Wat is het tafereel van de blijde boodschap aan Maria ontroerend! - Maria, - hoe vaak hebben we dit niet overwogen! - is in gebed verzonken, legt haar vijf zintuigen en al haar vermogens in het gesprek met God. Tijdens het gebed leert ze de Wil van God kennen; en door het gebed maakt ze die tot haar eigen vlees en bloed: verlies het voorbeeld van de heilige Maagd niet uit het oog! (De Voor 481)

Vergeet niet, mijn vriend, dat we kinderen zijn. De Vrouw met de zoete naam Maria, is in gebed verzonken.

Jij bent in dit huis wie je maar wilt: een vriend, een hulpje, een nieuwsgierige, een buur... - Ik durf op dit moment niets te zijn. Ik verberg me achter jou en vol verbazing beschouw ik het tafereel:

De aartsengel brengt zijn boodschap over... Quomodo fiet istud, quoniam virum non cognosco? - Hoe zal dit geschieden, daar ik geen man beken? (Lc. 1, 34).

De stem van onze Moeder doet mij, bij wijze van contrast, denken aan al de onreinheden van de mensen... ook aan de mijne.

Wat haat ik deze aardse laagheden nu... En... wat een voornemens!

Fiat mihi secundum verbum tuum. - Mij geschiede naar uw woord (Lc. 1, 38). Bij de schoonheid van deze maagdelijke woorden is het Woord vlees geworden.

Het eerste tientje loopt ten einde... Voordat iemand anders het doet, heb ik nog tijd om tegen mijn God te zeggen: Jezus, ik bemin U.

Heilige Rozenkrans. Eerste blijde geheim