Toewijding aan de Heilige Geest

Wij publiceren de volledige tekst van deze toewijding, die de heilige Jozefmaria Escrivá in 1971 met Pinksteren heeft verricht. Sindsdien wordt deze in alle centra van het Opus Dei elk jaar opnieuw gebeden. Daarin legt het Werk ons verstand, onze wil en ons hart in handen van de Parakleet [de Helper] en vraagt Hem om zijn zeven gaven, zodat iedere persoon kan leven als een kind van God.

Consagración del Opus Dei al Espíritu Santo

In dit artikel vind je de volledige tekst van de toewijding aan de Heilige Geest. We stellen deze beschikbaar zodat iedereen, wel of niet van het Opus Dei, er gebed mee kan doen. De heilige Jozefmaria Escrivá heeft bepaald dat deze toewijding elk jaar ter gelegenheid van het Pinksterfeest zou worden hernieuwd. Dit artikel bevat de historische context waarin de heilige Jozefmaria deze toewijding voor het eerst bad, de volledige tekst, en hulp om meer te leren over de Heilige Geest.

  1. Historische context
  2. Tekst voor de Toewijding aan de Heilige Geest
  3. Artikelen, een video en een noveen ter verdieping en om gebed mee te doen

1. Historische Context

De stichter van het Opus Dei heeft in concrete noden de hulp van God gevraagd met 4 toewijdingen: aan het Heilig Huisgezin (1951), aan het Allerzoetst Hart van Maria (1951), aan het Allerheiligst Hart van Jezus (1952) en aan de Heilige Geest (1971).

Dit artikel biedt een korte historische context rondom de toewijding aan de Heilige Geest. Op 30 mei 1971, met Pinksteren, heeft de heilige Jozefmaria deze toewijding gebeden in de kapel van de Algemene Raad in Villa Tevere. Het altaarstuk in deze kapel is een glas-in-loodraam dat de komst van de Heilige Geest op uitbeeldt.

Er waren meerdere redenen om deze toewijding te doen. De belangrijkste was dat de heilige Jozefmaria de derde Persoon van de Heilige Drie-eenheid hulp wilde vragen om al het bidden en werken van het Werk te inspireren en te leiden. Andere redenen waren de verspreiding van het Opus Dei "in zielen van alle rassen, volken en talen", en de groei in heiligheid van haar leden tijdens de leerstellige en disciplinaire crisis die zich in de jaren na het 2e Vaticaans Concilie in veel katholieke instellingen voordeed.

De toewijding — de langste van de vier — bevat een bijzondere smeekbede voor de Kerk, de Paus en de priesters. Het is heel goed mogelijk dat de stichter bij die toewijding ook de nieuwe juridische statuten van het Opus Dei in gedachten had. Deze waren nodig om het authentieke charisma van het Opus Dei te beschermen.

Ten slotte weerspiegelt deze gebeurtenis een hernieuwde opleving van de devotie tot de Paracleet [de Trooster] in de ziel van de stichter. Hij beleefde deze devotie al heel lang, maar in die jaren na het concilie was deze als het ware een "nieuwe ontdekking", met name wat betreft het handelen van de Paracleet in de Hl. Mis (vgl. Andrés Vázquez de Prada, III, blz. 609).

De heilige Jozefmaria bedoelde deze toewijding niet gewoon als een extra devotie voor de leden van het Opus Dei. Het was zijn bedoeling dat hun geestelijk leven meer open zou staan voor de Heilige Geest, door een nauwere band te bevorderen met de Heiligmaker voor allen die geroepen zijn om de heiligheid te zoeken. Hij noemde de Heilige Geest altijd "de Grote Onbekende", wat Hij in de volksdevotie en ook gedeeltelijk in de theologie inderdaad was. Uit die jaren stamt een homilie gewijd aan de Heilige Geest met als titel De Grote Onbekende, die later in Christus komt langs is opgenomen, en waarin hij de constante werking van de Paracleet in de zielen en in de Kerk benadrukt. 


2. Toewijding aan de Heilige Geest

Heilige Geest, derde Persoon van de aller­hei­ligste Drie­-eenheid, liefdes­ademtocht van de Vader en de Zoon, uit wie Gij van eeuwigheid voort­komt als wezensgelijke en zelfstandige liefdesband, in de allereenvoudigste eenheid van de ene, ware God; Heilige Geest Vertrooster, vol­heid van de Liefde, oneindig Licht, ongescha­pen Gave en beginsel van alle genade: aan­vaard welwillend de toewijding van het Opus Dei, die wij nu tot U richten.

God hemelse Vader, die niet geschapen zijt, noch ge­maakt of voortgebracht; die met het Woord en de Heili­ge Geest, in één enkele act van liefde, de Menswor­ding van de Eniggebo­re­ne hebt gewild; die in naam van Jezus Chris­tus ons uw Geest de Vertrooster hebt gezonden, opdat Hij door ons te heiligen eeuwig met ons zou zijn: bevestig en her­nieuw in ons deze deelname aan de god­delijke natuur die Gij ons door de genade hebt verleend.

God de Zoon, die noch geschapen noch ge­maakt zijt, maar van eeuwigheid voortgebracht door de Vader; die door het werk van de Heili­ge Geest onze menselijke natuur in de maagde­lijke schoot van Maria hebt aange­nomen en zo waarlijk God en waar­lijk Mens zijt; die, door als Zoon te gehoorzamen, in het kruisoffer de verlossing van onze zonden hebt volbracht; en die, na te verrij­zen uit de doden, bij Uw terug­keer naar de heer­lijkheid, in plaats van ons als wezen achter te laten, ons namens de Vader een andere Vertroos­ter hebt gezonden, de Geest van Waarheid, opdat Hij U zou verheer­lijken, getuigenis zou afleggen van U en met Zijn licht onze zielen zou verlich­ten: vermeer­der en versterk in ons deze zending van Uw Geest, die ons gelijk­vormig maakt aan U en ons met U vereenzelvigt.

God Heilige Geest, die noch geschapen zijt, noch gemaakt of voortgebracht, maar die van eeuwig­heid voortkomt uit de Vader en de Zoon; die, terwijl alle Apostelen samen waren in het cenakel met Maria, Moeder van God en onze Moeder, over hen zijt gekomen bij het aanbreken van de dagen van Pinksteren, hun harten vervuld hebt en hen bewogen hebt met sterkte en in alle talen te belijden dat Jezus de Zoon van de levende God is; die altijd aan de Kerk Uw vrede, Uw vreugde en Uw troost hebt geschonken te midden van zovele tegenslagen, door ons geloof te versterken, onze hoop te ondersteunen en onze liefde te ontsteken: verleen ons Uw zevenvoudi­ge gave, opdat in ons hele leven, in onze wer­ken, in onze ge­dachte en in ons woord ook Onze Vader in de hemel, eeuwige, Ene en Drieëne God, Zijn welbeha­gen moge vinden.

Verleen ons de gave van verstand, die ons ver­volmaakt in het begrijpen van de geheimen van het geloof; de gave van wijs­heid die, als vrucht van een volmaakte liefde, onze aangename ken­nis van God en van al wat op God betrek­king heeft en uit God voortkomt, verbe­tert; de gave van wetenschap, die ons op de juiste wijze doet begrijpen wat de geschapen dingen zijn en wat ze moeten zijn, volgens het goddelijk raadsbe­sluit over de schepping en de verheffing tot de bovennatuurlijke orde; de gave van raad, opdat wij door goed te oordelen over wat de wil van God is op ieder moment en voor ieder­een, ook raad kun­nen geven aan anderen; de gave van vrees, die, door ons elke zonde te doen veraf­schuwen, in ons hart de geest van aanbid­ding en een diepe en oprechte nederigheid inprent; de gave van sterk­te, die ons sterk maakt in het geloof, standvastig in de strijd en trouw volhar­dend in het Werk van God; de gave van gods­vrucht, die ons het besef van het goddelijk kind­schap geeft, het vreugdevolle en bovenna­tuurlij­ke be­wust­zijn kinde­ren van God te zijn en, in Jezus Christus, broe­ders van alle men­sen.

Wij vragen U ook, dat Gij in de zielen van ons en van alle mensen die tot Uw Werk naderen overvloedig de vruchten uits­tort van uw mach­ti­ge wer­king: liefde, blijdschap, vrede, geduld, welwillendheid, goedheid, lankmoe­digheid, zacht­moedig­heid, geloof, zedigheid, onthouding en kuisheid.

Wij vragen U dat Gij altijd Uw Kerk bijstaat, en in het bij­zonder de Paus, opdat hij ons met zijn woord en zijn voor­beeld moge leiden, en samen met de kudde die hem is toevertrouwd het eeu­wig leven moge bereiken; laat het nooit ontbre­ken aan goede herders en geef dat alle gelovi­gen U mogen dienen met een heilig leven en een standvastig geloof en wij zo de heer­lijkheid van de hemel bereiken.

Van onze kant, o God Heilige Geest, wijden wij U het Opus Dei en heel ons leven toe. Wij bie­den U aan alles wat wij zijn en kunnen: ons verstand en onze wil, ons hart, onze zintuigen, onze ziel en ons lichaam. Wij willen altijd een heilige tempel zijn van Uw inwoning met de Vader en de Zoon, en dat er niets in ons is dat strijdig is met dit verblijf van U.

Gebed

O Ene en Drievuldige God, oorsprong en doel van ons leven, Gij hebt U verwaardigd ons ook te roepen om te delen in de intimi­teit van Uw heerlijk­heid: verhoor de smeekbeden die wij met kinderlijke vroomheid tot U rich­ten.

Verleen vrede aan Uw Kerk, opdat alle katho­lie­ken, vervuld van de Heilige Geest, altijd aan de mensen een vast en waarachtig getuigenis van geloof weten te geven, een daad­werkelijk bewijs van hun liefde en rekenschap van hun hoop.

Bewaar altijd in Uw Werk de geestelijke gaven die Gij het hebt verleend, opdat wij, volgens Uw allerbeminne­lijkste wil, onver­brekelijk verbonden met onze Vader, de Vader en al onze broers en zussen, cor unum et anima una, heilig worden en werkzaam zuurdesem van heiligheid zijn onder alle men­sen. Geef dat wij altijd trouw zijn aan de geest die Gij hebt toever­trouwd aan onze Stichter, en dat wij deze geest weten te bewa­ren en door te geven in heel zijn godde­lijke volko­menheid.

Verlicht ons verstand, zuiver ons hart, versterk onze wil. Geef dat wij alles ontvangen als ko­mend uit Uw hand, in de weten­schap dat alles ten goede strekt voor hen die God bemin­nen. Verleen ons een geest die volg­zaam is aan de zachte impulsen van Uw genade, o God Heilige Geest, en maak dat wij er edelmoedig aan beant­woorden; dat wij met menselijke loya­liteit en bovenna­tuurlijke trouw de vruchten voort­brengen die Gij van ons verlangt, en dat deze vruchten blijvend mogen zijn; dat wij aldus, altijd levend in Uw liefde, samen met Maria, onze Moeder, tenslotte van Uw eeuwige heer­lijk­heid genieten, voor altijd verenigd met de Vader, die met de Zoon en met U leeft en heerst in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

(Deze toewijding wordt besloten met de volgende schietge­be­den, waarop allen antwoor­den:)

V/. Pater de caelis, Deus
R/. Miserere nobis

V/. Fili, Redemptor mundi, Deus 
R/. Miserere nobis 

V/. Spíritus Sancte, Deus
R/. Miserere nobis

V/. Sancta Trínitas, unus Deus
R/. Miserere nobis!


3. Recursos para rezar y profundizar