“Laten wij niet proberen aan Zijn wil te ontkomen”

Dit is de sleutel van de deur, die toegang geeft tot het Rijk der Hemelen: Qui facit voluntatem Patris mei qui in coelis est, ipse intrabit in regnum coelorum. Wie de wil van mijn Vader doet..., die zal binnengaan! (De Weg, 754)

Veel grote dingen hangen ervan af, of jij en ik ons gedragen zoals God het wil. - Vergeet dat niet.
De Weg, 755

Wij zijn als blokken steen die zich kunnen bewegen, die voelen en die een volmaakt vrije wil hebben.

God zelf is de steenhouwer die de ruwe kanten van ons afkapt, die ons met hamer en beitel de vorm geeft die Hij wil.

Laten wij niet proberen ons aan Hem te onttrekken of aan Zijn wil te ontkomen, want wij kunnen de hamerslagen toch niet ontwijken. - Integendeel, wij zouden alleen nog maar meer en nutteloos lijden. En in plaats van een gepolijste steen die klaar is voor de bouw, zullen wij niets anders worden dan een vormeloze hoop grind, die de mensen achteloos zullen vertrappen.
De Weg, 756

De totale aanvaarding van de wil van God voert noodzakelijk tot de vreugde en de vrede, het geluk in het Kruis. - Dan zal men ervaren, dat het juk van Christus zacht is en Zijn last licht.
De Weg, 758

Een redenering die vrede geeft en die de heilige Geest diegenen aan de hand doet die de wil van God liefhebben: Dominus regit me, et nihil mihi deerit. De Heer is mijn herder, niets zal mij ontbreken.

Wat zou een mens die deze woorden met overtuiging herhaalt, nog kunnen verontrusten?
De Weg, 760