Professionele vorming (II): Om Christus te zijn in ons werk

Een aantal suggesties om tijdens ons werk te groeien in onze vereniging met Jezus, door ons voordeel te doen met de vorming die voor elke dimensie van ons leven wordt aangeboden.

Wie heeft er nooit gedroomd van een groot avontuur? Een avontuur met onvoorstelbare ontdekkingen en nieuwe inzichten in hoe we onze persoonlijke beperkingen kunnen overwinnen, een avontuur vol persoonlijke ontmoetingen die we delen met onze medereizigers. Dat is waar de heiligheid waar ieder van ons van droomt over gaat: een groot avontuur om, midden in de wereld, een diepere relatie met God te bereiken.

Voor een zakenman, een ingenieur, een student of een gezondheidswerker ontvouwt dit avontuur van heiligheid zich in hun professionele werk, dag na dag, uitgevoerd met inspanning en grote dromen, met of zonder enthousiasme, samenwerkend met collega's of online werkend. Voor veel mensen is hun werk de as, het centrum waar hun strijd voor heiligheid en hun apostolische inspanningen midden in de wereld omheen draaien. En de reikwijdte ervan wordt weerspiegeld in die bekende uitdrukking van de heilige Jozefmaria: het werk heiligen, zichzelf heiligen in het werk en anderen heiligen door het werk.

Maar om dit doel te bereiken hebben we de middelen nodig om het uit te voeren. We hebben het hier niet over geïsoleerde instrumenten of strategieën, maar over de vorming die nodig is in elke dimensie van ons leven om Christus te worden in ons werk.

Persoonlijke ontmoeting met God in het werk

De eerste dimensie is de spirituele, omdat het inhoudt dat we ons werk met liefde doen, als een plaats van ontmoeting met mijn Vader God, waarbij we ernaar streven Hem een "welgevallig offer" te brengen[1], verenigd met het offer van zijn Zoon aan het Kruis, dat in elke viering van de Mis wordt vernieuwd[2]. Daarom streven we ernaar ons werk uit te voeren "door Hem, met Hem en in Hem."[3] En we vinden in ons werk een gelegenheid om anderen te dienen, hetzij direct (zoals in zoveel banen als kok, bezorger, leraar, psycholoog...), hetzij indirect, want al het werk is een dienst aan de samenleving. Deze inspanning omvat al onze dagelijkse handelingen en maakt van de studietafel, het kantoor, het universiteitslokaal, de werkplaats of de akker een "altaar" waar, zoals de heilige Jozefmaria ons leerde, God elke dag op ons wacht,[4] waar we elk uur van ons leven aan Hem offeren.

Deze spirituele dimensie houdt ook in dat we proberen nooit te vergeten dat het belangrijkste in ons werk niet is wat wij doen, maar wat God door ons doet. Daarom verheffen we tijdens ons werk vaak ons hart tot God om Hem te verheerlijken, Hem te danken, om vergeving te vragen en om Zijn hulp af te smeken, in overeenstemming met de vier doelen van de Mis: aanbidding, dankzegging, eerherstel en smeekbede.[5] En we beseffen dat God naar ons kijkt, naar ons luistert en naar ons lacht, omdat Hij de inspanning ziet die we leveren om Hem lief te hebben.

Volharding in ons werk brengt vermoeidheid, uitputting met zich mee; een fysieke vermoeidheid voor wie in de bouw werkt of een kunstwerk beeldhouwt; een mentale vermoeidheid voor wie zich op een scherm concentreert om een nieuw algoritme te creëren of moeite heeft om geduldig de volgende klant te woord te staan. Geestelijke vorming helpt ons om deze inspanning te zien als een kans om dichter bij Christus te komen, die ons lijden op zich nam,[6] dichter bij God de Verlosser. Geheiligd werk (gedaan via Christus, met Hem en in Hem) "vloeit voort uit liefde, is een uiting van liefde en gericht op liefde."[7] Christus' liefde voor de Vader en voor ons – zijn broeders en zusters – is het leven gevende en verenigende principe van al zijn activiteiten en zending; net zoals het dat is van ons werk, wanneer we ons inspannen om te zorgen voor de wereld en onze broeders en zusters, in een poging Jezus na te volgen en een te worden met Hem.

De ultieme betekenis van arbeid

Als we zouden moeten definiëren wat zin geeft aan ons bestaan, wat ons als persoon definieert, wat ons in de wereld plaatst, dan is ons werk een van de aspecten die we zouden benadrukken. Zelfs als het werk dat we nu doen niet "mijn droombaan" is. Wat zou ons leven daarentegen zijn zonder ons werk? "De roeping die God ons geeft is heel mooi: scheppen, herscheppen, werken," zei paus Franciscus. "Arbeid omvat elk aspect van iemands wezen: zijn denken, zijn handelen, alles in zijn leven."[8] Deze fundamentele rol van werk, om zin te geven aan ons hele bestaan, vereist een dieper filosofisch en theologisch begrip. Dit is de vorming die we nodig hebben op intellectueel vlak. Hoe beter we deze realiteit begrijpen – dat de Heer God de mens nam en hem in de tuin van Eden plaatste om die te bewerken en te beheren,[9] dat wil zeggen, de betekenis van de menselijke roeping om te werken – hoe beter we de waardigheid zullen begrijpen die ons werk met zich meebrengt, omdat het ons op God doet lijken, omdat we naar zijn beeld en gelijkenis geschapen zijn[10].

Men kan middels verschillende disciplines hier inspanning voor leveren, op zoek naar een dieper begrip van de betekenis van de schepping, de verlossende betekenis van de jaren die Christus naast Jozef werkte, de betekenis van het offer van Christus aan het kruis, de werking van de heilige Geest in de geschiedenis, de rol van leken in het geven van een christelijke invulling aan de samenleving, enz. Van bijzonder belang is hier alles wat te maken heeft met de deugd van rechtvaardigheid en de morele vereisten van elk beroep. Zo biedt studie die we serieus nemen ons nieuwe perspectieven om te begrijpen hoe we ons eigen werk kunnen heiligen en versterkt het ons verlangen om het beter te doen, in nauwe verbondenheid met Christus.

Bovendien moeten we ons ook meer verdiepen in de sociale gevolgen en ons vermogen om de wereld van onze professionele toewijding te veranderen. Zoals de heilige Jozefmaria zei: "We hebben een vorming nodig die in ons, te midden van ieders professionele werk, het instinct en de gezonde bezorgdheid koestert om die taak in overeenstemming te brengen met de eisen van een christelijk geweten, met de goddelijke imperatieven die de samenleving en de menselijke activiteiten moeten beheersen."[11] Iedereen die werk heeft ervaren als een plaats voor heiliging, wil dat die ervaring alle mannen en vrouwen bereikt, niet alleen door spirituele middelen aan te reiken die ieders werk zin geven, maar ook door er actief naar te streven dat iedereen een waardige en zinvolle baan heeft.

Beter in staat om goed te doen

Dagelijks werk biedt de mogelijkheid om menselijke deugden uit te oefenen. Het is een nuttig oefenterrein voor iedereen die zijn menselijke kwaliteiten wil verbeteren. Net als bij gymnastiek, waar het bereiken van een hoog prestatieniveau veelvuldige oefening vereist, hoewel in dit geval dankzij Gods genade ook een grote dosis bovennatuurlijke hulp wordt geboden.

Menselijke vorming in ons dagelijks leven helpt ons om ons te richten op deugden die ons in staat stellen om ons verlangen om andere mensen te dienen werkelijkheid te laten worden, deugden die we sociaal zouden kunnen noemen. Het is bijvoorbeeld goed om onze zorg te versterken om met een actieve interesse naar anderen op het werk te luisteren, met het verlangen om van hen te leren. Zoals paus Franciscus zei, sprekend over het gesprek tussen Jezus en de rijke jongeman: "Als we met ons hart luisteren, voelt de ander zich welkom, niet veroordeeld; vrij om over zijn eigen levenservaring en spirituele weg te praten."[12] Ook in bredere zin: "De Geest vraagt ons om te luisteren naar de vragen, zorgen en hoop van elke Kerk, volk en natie. En om te luisteren naar de wereld, naar de uitdagingen en veranderingen die deze ons stelt. Laten we onze harten niet geluiddicht maken; laten we niet in onze zekerheden blijven steken. Onze zekerheden maken ons vaak gesloten. Laten we naar elkaar luisteren."[13]

Nauw verbonden met dit vermogen om te luisteren, brengt de deugd van nederigheid ons ertoe om te erkennen dat we anderen nodig hebben, maar ook om te beseffen wat we van onze kant kunnen bijdragen en dat ruimhartig te doen. Het vermogen om met anderen samen te werken en op hen te vertrouwen is een vereiste in de hedendaagse wereld van werk. Hoewel technieken en vaardigheden hiervoor aangeleerd kunnen worden, voegt de christelijke deugd ook een belangrijke houding toe, een echte zorg voor de ander, waarbij we proberen (en door oefening leren) ieders vrijheid en verantwoordelijkheid te versterken en al hun talenten aan te wenden.

Een andere deugd die versterkt moet worden is ‘je verbinden’, je committeren, een woord dat soms angst kan oproepen. Daarom moeten we nadenken over de gevolgen waartoe de angst voor het committeren kan leiden. Hoe kan ik zonder verbintenis iets waardevols opbouwen dat lang meegaat? Hoe kan ik een specifiek doel bereiken zonder onderweg andere mogelijkheden opzij te zetten? We kennen het antwoord heel goed. Maar net als op andere gebieden van ons leven, kan toewijding door te committeren aan ons werk soms moeilijk zijn, omdat het ‘afzien van’ behelst of voortdurende inspanning vereist.

Commitment is ook essentieel om rechtschapen te leven, met rechtvaardigheid en sociale verantwoordelijkheid. Het vergemakkelijkt het vermogen om trouw te zijn aan wat het eigen geweten als rechtvaardig dicteert, zelfs wanneer tegenstrijdig gedrag wijdverspreid is in onze werkomgeving. Het versterkt de actieve zorg om werkomgevingen menselijker te maken en waardige arbeidsvoorwaarden voor alle mannen en vrouwen te bevorderen.

Sterke vriendschappen op het werk

In interpersoonlijke relaties zijn vriendelijkheid en edelmoedigheid zeer gewaardeerde kwaliteiten. In een individualistische en competitieve samenleving als de onze maken deze deugden naastenliefde zichtbaar. Christenen zouden moeten proberen om deze in hun eigen omgeving te versterken en over te dragen, zonder te vervallen in naïviteit of louter filantropie en met het risico dat vriendelijkheid soms als zwakte wordt gezien. Leren om vergeving te vragen, recht te zetten en vooral te vergeven. Eerlijk zijn tegenover zichzelf en anderen. Oprecht en loyaal zijn in de relaties met collega's. Klanten met vriendelijkheid en geduld behandelen. Er zouden hier nog veel meer deugden genoemd kunnen worden, maar het verlangen om ons te verbeteren en degenen beter lief te hebben die naast ons staan, maakt deel uit van het avontuur dat het werkende leven met zich meebrengt.

De omgeving van het eigen werk is de natuurlijke omgeving voor het creëren van vele sterke vriendschappen, zoals de Prelaat van het Opus Dei ons herinnert in zijn brief van 1 november 2019,[14] evenals voor het zaaien van de vrede en vreugde die zo eigen is aan de christelijke geest. Zoals de heilige Jozefmaria, geciteerd door de Prelaat in zijn brief, schreef: "Het kan echt gezegd worden, mijn liefste kinderen, dat de grootste vrucht van het apostolische werk van het Opus Dei is wat haar leden persoonlijk verkrijgen door hun apostolaat van voorbeeld en loyale vriendschap met hun collega's op het werk: in een universiteit of fabriek, op kantoor, in de mijnen of op het land."[15] Daar kunnen we onze zorgen delen, samenwerken met anderen en vele uren besteden aan het uitvoeren van een gemeenschappelijke taak. Deze inspanning versterkt de banden en stelt ons in staat om anderen goed te leren kennen en helpt voorkomen dat relaties instrumenten worden door ze te reduceren tot een pad voor zelfverheffing in een cultuur van onmiddellijk succes. "De geboorte van een vriendschap komt als een onverwacht geschenk,"[16] schrijft de Prelaat. Het is een "geschenk van God dat ons troost en vreugde brengt,"[17] een geschenk dat ons herinnert aan de vrijelijk geschonken liefde van de heilige Drie-eenheid voor ieder van ons. En het maakt de taken die we met anderen delen aangenamer, want "vriendschap is zelf een dialoog waarin we licht geven en ontvangen. In vriendschap worden plannen gesmeed terwijl we wederzijds nieuwe horizonten openen. In vriendschap verheugen we ons in wat goed is en steunen we elkaar in wat moeilijk is; we hebben een goede tijd met elkaar, want God wil dat we gelukkig zijn."[18]

En met professionele bekwaamheid

Naast het versterken van menselijke deugden, is professionele vorming een belangrijk onderdeel van iemands eigen heiliging en helpt het ons de culturele en sociale uitdagingen in de huidige maatschappij aan te gaan. Professionele bekwaamheid is essentieel om ons werk te heiligen, omdat we het eerst goed moeten doen. Minstens zo goed als de anderen, en zo mogelijk nog beter, omdat werk ons verlangen inhoudt om de schepping te vervolmaken, de Schepper te aanbidden en mee te helpen verlossen,[19] waarbij we de priesterlijke ziel die we in het Doopsel hebben verkregen beoefenen, Christus zijn die werkt.

In de beginjaren van het Opus Dei benadrukte de heilige Jozefmaria dat intellectuele en professionele vorming moeten leiden tot "het zoeken naar de hoogtepunten", niet naar de "vlakten",[20] in het eigen werk en de eigen functie. Dat wil zeggen dat het ieder aanspoort om zijn of haar eigen persoonlijkheid en capaciteiten ten volle te ontwikkelen op het gebied waar ze het best kunnen bijdragen aan het verbeteren van de samenleving, door te helpen de omgeving om hen heen menselijker te maken.

De opleidingen en kwalificaties die nodig zijn om een baan met vakbekwaamheid uit te oefenen, worden verworven in de instellingen die hiervoor in het leven zijn geroepen: universiteiten, technische scholen, academies, onlinetraining platforms, overheidsinstellingen die bijscholingscursussen of arbeidsbemiddelingsdiensten aanbieden... De mogelijkheden zijn breed en gevarieerd en iedereen moet ernaar streven om ze te benutten. Deze inspanning impliceert een voortdurende en veeleisende beroepsopleiding om up-to-date te blijven, een "verplichting om de juiste beroepsopleiding te verwerven", gebruikmakend van "dezelfde kansen die andere burgers hebben."[21]

De vorming gegeven door de Prelatuur

Uit al het bovenstaande kan worden afgeleid dat iedereen die er oprecht naar streeft heilig te zijn midden in de wereld, een vorming nodig heeft die elk aspect van het beroepswerk beïnvloedt en die iedereen helpt om te rijpen op de weg van identificatie met Christus. Dit is wat de Prelatuur biedt.

In de eerste plaats worden we aangemoedigd om ons beroep lief te hebben, als de plaats waar we God ontmoeten en op praktische wijze delen in zijn scheppend werk. We kunnen ons de hele dag door afvragen: hoe verander ik de wereld vandaag? Misschien houdt het antwoord in: niet agressief reageren op een gespannen situatie wanneer een deadline nadert, een collega bedanken voor zijn hulp, zwangerschapsverlof verlenen aan een moeder. Ons werk omvat zoveel momenten en beslissingen waarin we geroepen zijn om de wereld te veranderen, onze omgeving te verbeteren en er aan bij te dragen het bij God te brengen.

Bovendien helpt de vorming die we krijgen ons om ons werk op een consequente christelijke manier uit te voeren, dat wil zeggen in overeenstemming met de beroepsethiek die inherent is aan ons werk en met de “gretigheid” om samen met onze collega's te werken aan de opbouw van een meer echt menselijke samenleving. En het herinnert ons eraan dat we de morele vereisten van ons werk diepgaand moeten leren kennen en in praktijk moeten brengen met een gevoel van missie, door een voorbeeld te zijn in ons professionele werk. Deze inspanning is duidelijk belangrijk voor advocaten, gynaecologen, douanebeambten of aandelenbeleggers, maar het is net zo belangrijk voor degenen die voor ouderen zorgen, stagiaires zijn bij een lokaal radiostation of afhaalmaaltijden klaarmaken.

Daarnaast versterkt deze vorming ons verlangen om de beschikbare middelen te gebruiken om onze professionele training te verdiepen, te groeien in de kennis die nodig is voor onze baan of ons vak. Dit kan betekenen dat we beroepsverenigingen oprichten of er actief aan deelnemen, dat we tijd besteden om ons beroep beter te leren kennen, alleen of samen met anderen. Dit alles vergt tijd en energie, waarvan we nooit genoeg hebben, maar het is een verrijking die nodig is. De heilige Jozefmaria zei: "Ik beschouw de vakkennis van een kapper als even belangrijk als die van een onderzoeker; en die van een student als even belangrijk als die van een huishoudelijke hulp. Ieder moet de cultuur hebben die vereist is voor zijn of haar eigen baan of beroep."[22]

Vorming vergemakkelijkt het verwerven van specifieke waarden voor ieders beroep of baan: de waarde van leven en gezondheid, in beroepen die te maken hebben met geneeskunde; solidariteit, bij brandweerlieden en politieagenten; gelijkheid, voor degenen die in vakbonden werken... Er zijn waarden die, hoewel ze universeel en noodzakelijk zijn in alle beroepen, in sommige beroepen op een speciale manier naar voren komen en vergezeld moeten gaan van de vaardigheden die nodig zijn om ze voor te leven. Door dit te doen voor de glorie van God en het welzijn van de zielen, krijgt ons werk een bovennatuurlijke waarde die onze identificatie met Christus versterkt.

De geestelijke begeleiding door de Prelatuur helpt ons om met realiteitszin – met menselijke en bovennatuurlijke rijpheid – de kansen en eisen die het leven biedt, ook in de loop der jaren op onze professionele weg, tegemoet te treden met hoop, onderscheidingsvermogen en bovennatuurlijke vooruitzichten.

Tenslotte, om bij te dragen aan het welzijn van ons gezin en aan de apostolaatsprojecten van het Werk, willen we graag de financiële steun vergroten die we via ons eigen werk kunnen geven.

We hebben veel aspecten van vorming bekeken die ons helpen om ons werk echt het werk van een christen te maken. De heilige Jozefmaria vatte het belang van deze inspanning als volgt samen: "We gaan onze Heer, Jezus Christus, vragen om licht en Hem smeken ons te helpen – elk ogenblik– de goddelijke betekenis te ontdekken die de roeping tot ons beroep omvormt tot de spil waaraan de oproep tot heiligheid die tot ons gericht is, bevestigd is en ronddraait."[23]


[1] Vgl. Catechismus van de Katholieke Kerk, nr. 2569.

[2] Vgl. Catechismus van de Katholieke Kerk, nr. 1350.

[3] Vgl. Eucharistisch Gebed, slotdoxologie.

[4] Vgl. de heilige Jozefmaria, Gesprekken, nr. 114.

[5] Vgl. Catechismus van de Katholieke Kerk, nr. 1407 en nr. 1414.

[6] Vgl. de heilige Jozefmaria. Christus komt langs, nr. 95.

[7] De heilige Jozefmaria. Christus komt langs, nr. 48.

[8] Franciscus, "Werk is de roeping van de mens", preek in Santa Marta, 1 mei 2020.

[9] Gn 2,15.

[10] Vgl. Gn 1,26.

[11] Jozefmaria. Brief, 6 mei 1945, nr. 15; in Ernst Burkhart en Javier López, Vida cotidiana y santidad en la enseñanza de San Josemaría, III, Rialp, Madrid 2013, p. 574.

[12] Franciscus, Homilie, Mis voor de Opening van de Bisschoppensynode, 10 oktober 2021.

[13] Ibid.

[14] Fernando Ocáriz, Pastorale brief, 1 november 2019, nr. 20.

[15] De heilige Jozefmaria, Brief nr. 6, no. 55.

[16] Fernando Ocáriz, Pastorale brief, 1 november 2019, nr. 20.

[17] Ibid., nr. 23.

[18] Fernando Ocáriz, Pastorale Brief, 9 januari 2018, nr. 18.

[19] Vgl. Fernando Ocáriz, Pastorale brief, 14 februari 2017, nr. 17.

[20] Vgl. Ana Sastre, Tiempo de Caminar, Rialp, Madrid, 1989, voetnoot 18, blz. 232. De auteur haalt een Nieuwsbrief aan die de heilige Jozefmaria in juli 1939 stuurde met adviezen over het kiezen van een universitaire studie: "Begin niet aan je universitaire studie alsof alles op een vlakte ligt. Zoek de hoogtepunten. Heb persoonlijkheid. Trek je eigen spoor. En moge de groeven van iedereen het veld van de Vader der gezinnen vruchtbaar maken."

[21] Vgl. Prelatuur van het Heilig Kruis en het Opus Dei, Ratio Institutionis, Rome, 2007, nr. 14.

[22] De heilige Jozefmaria, Aantekeningen uit een korte kring, 19 april 1964; in Meditaties, vol. I, p. 658.

[23] De heilige Jozefmaria, Vrienden van God, nr. 62.

Maeves Javaloyes